1/35 WWI Heavy Battle Tank Mk.IV # Takom 2076

Takom
takom-2076
Nieuw
Bestel
  • Beschrijving

Model kit WWI Heavy Battle Tank Mk.IV (Male & Female 2 in 1) in de schaal 1/35.

Hoewel de Mark IV dus in beginsel nog steeds een Mark I is, zijn er toch verbeteringen naast die welke al bij de Mark II en III aangebracht waren:

Om het railtransport te vergemakkelijken verandert men de aan de zijkanten breed uitstekende geschutskamers, de barbettes, die eerst bij ieder transport van de tank geschroefd moesten worden. De Female - barbette, met twee machinegeweren, die bij de Mark III al flink verkleind was, krijgt nu een splijting in het midden en scharnieren aan de zijkanten, zodat ze naar binnen geklapt kan worden. De Male - barbette, met kanon en machinegeweer, wordt wat versmald en de bevestigingsbouten worden aan de binnenkant aangebracht, zodat hij naar binnen geschoven kan worden, de gevechtsruimte in.
Aangezien het oorspronkelijke kanon zelfs bij een naar binnen geschoven barbette nog te veel zou uitsteken, wordt de loop ervan verkort van Lang 40 (maal kaliber) naar Lang 23. De officiële aanvangssnelheid (de snelheid die de granaten hebben als ze de vuurmond verlaten) vermindert hierdoor van 554 meter tot 411 meter per seconde. De werkelijke snelheid is een stuk minder, want omdat de eerste partij kanonlopen van dubieuze kwaliteit was (het waren tenslotte afdankertjes van de marine), gebruikte men hulzen met een geringere drijflading, die al opbrandde voordat de mond van het Lang 40 stuk bereikt was. Het negatieve effect hiervan is bij het Lang 23 stuk dus minder, zodat de vermindering van de werkelijke aanvangssnelheid ook lager ligt. Dat was maar goed ook, want de productie van deze verzwakte granaten heeft niet stilgelegen, zodat er een voorraad ontstaan is waarmee men tot het eind van de oorlog toe kan.
Al bij de Mark II werd de stuurstaart weggelaten, inclusief de bijbehorende hydrauliek in de achterkant van de romp. Deze vrijgekomen ruimte wordt nu gebruikt om de brandstofopslag onder te brengen in één tank van 318 liter met een pomp, in plaats van twee tanks van 113 liter onder het dak met zwaartekrachtvoeding. Zo voorkomt men dat de motor op het meest ongelegen moment afslaat: als de tank uit een loopgraaf wil klimmen. De werkdruk is daardoor ook wat minder voor de Special Teams die, zonder enig contact met de gevechtstroepen te hebben, lijken uit uitgebrande tankwrakken moeten bergen.
Het luik in het midden van het dak wordt voorzien van een piepkleine uitkijkcabine, met zicht naar achteren. Het bemanningslid dat van die zijde iets onaangenaams ziet naderen, kan niet zelf direct vuur uitbrengen, maar moet zich eerst langs transmissie en radiator wringen om een draagbaar machinegeweer door een balmantel aan de achterzijde van de tank te steken.
Het comfort voor de bemanning wordt wat verbeterd door de blaasrichting van de ventilatoren om te draaien (het is beter om vuile lucht naar buiten te blazen, dan schone lucht naar binnen) en geluiddempers op de uitlaten aan te brengen.
De hoofdwerkplaats in Frankrijk verbetert de aangekomen Mark IV's door ze te voorzien van een unditching beam: een zware eikenhouten balk die op twee rails boven het tankdak meegedragen wordt. Mocht de tank zich in de modder vastwerken, dan zullen twee man hun leven wagen door onder vijandelijk vuur op de tank te klimmen en de aan de balk verbonden stalen kettingen aan de rupsbanden te klemmen. De balk wordt door de rupsbanden tot onder de tank gevoerd, zodat de enorme tractie het voertuig kan vrijwerken. Lukt dat, dan zal de balk weer van achteren op de rails glijden. Lukt het gedeeltelijk, dan draaien tank en balk in tegengestelde richting tot óf de ketting breekt, óf de rupsband.